Warmtemetingssystemen in appartementsgebouwen

De overheid wil de stookkosten beperken. Een efficiënt meetsysteem voor appartementsgebouwen zou daarbij een nuttig instrument zijn. Daarom heeft de overheid een aantal maatregelen opgelegd waarvan de doelstellingen opgenomen werden in een zogenaamde “Energie Efficiënte Richtlijn”.

Verdampingsmetertjes

Iedereen kent ze wel, de verdampingsmetertjes op de radiatoren. Gekleurde buisjes met vloeistof, geklemd in een houdertje en voorzien van een schaalverdeling. Ze zijn er om, ingeval van collectieve centrale verwarming, de stookkosten per appartement te meten. Hoe warmer de radiator, hoe meer verdamping en hoe hoger de kosten.
Eens per jaar komt de meteropnemer de stand opschrijven. Dat gebeurt vaak zo snel, dat men niet eens de kans krijgt om te controleren of alle standen wel correct genoteerd zijn.

Discussies alom: ofwel hingen de buisjes in de zon, ofwel werden de buren ervan verdacht de buisjes in vochtige doeken te wikkelen om verdamping tegen te gaan enzovoort.

Energie Efficiënte Richtlijn

Met dit soort situaties wil de overheid nu komaf maken. Er zijn teveel discussies, teveel juridische procedures, dus moest er ingegrepen worden. Op basis van die verdampingsmetertjes weet niemand precies hoeveel kosten men in een stookjaar gemaakt heeft.
Het moet dus allemaal transparanter en duidelijker worden, zodat men niet meer voor verrassingen komt te staan.

De nieuwe Energie Efficiënte Richtlijn zorgt vooral voor een energie-efficiënt gebruik van de radiatoren. De klanten zouden een beter inzicht krijgen in hun stookgedrag en stook-efficiëntie. Naast meer transparantie tracht de overheid uiteindelijk een lager verbruik te bereiken. Studies wijzen namelijk uit dat individualisering van de warmtekosten het meest efficiënte middel is om bewoners bewust te maken van hun verbruik. Ze gaan het bijgevolg beter onder controle houden.
Dit zou niet alleen tot een energiebesparing tot 20% leiden, maar zou ook de kosten tussen de bewoners nauwkeurig verdelen op basis van het werkelijke verbruik.

Automatische meteropname

De eerste stappen van deze richtlijn werden al in 2012 genomen, maar pas in 2018 kwamen de maatregelen op kruissnelheid. Uw syndicus heeft u waarschijnlijk al trachten te overtuigen om over te schakelen op metertjes op radiofrequentie. Die hebben alvast het voordeel dat er ter plaatse geen meteropname meer moet gebeuren. De metertjes worden namelijk ingelezen vanop een centrale plaats in het gebouw. Ook bij verhuis of bij het wisselen van huurders, houden de metertjes automatisch de statistiek bij.
De syndicus meldt de meteropname-firma op welke datum er een uittreding van een bewoner plaats vond, zodat bij de eindafrekening zowel de oude- als de nieuwe bewoner een aparte rekening krijgen.

Op enkele kleinere appartementsgebouwen na, zijn ondertussen zo goed als alle appartementsgebouwen bij 03beheer uitgerust met deze elektronische metertjes.

Informatie voor de gebruiker

Op termijn moeten de gebruikers tijdens de verwarmingsperiode alle maandelijks verbruiksinformatie ontvangen. Inhoudelijk zal de afrekening meer informatie bevatten zoals de totale energiekost, energieprijzen, CO2-uitstoot, energiemix van het gebouw enzovoort.

Opvolging van de maatregel

De meetsystemen voor appartementsgebouwen zijn nu in handen van een beperkt aantal bedrijven zoals Ista, Techem en VWV Benelux. Ze hebben de taak om de uitrol van de nieuwe normen consequent door te voeren.

In de praktijk zullen de meteropname-firma’s ervoor moeten zorgen dat volgende deadlines gehaald worden:

  • 25 oktober 2020: alle nieuw geplaatste meters, hetzij draadloos of bekabeld, moeten op afstand leesbaar zijn + 3-maandelijkse inzage in het verbruik.
  • 01 januari 2022: gedetailleerde afrekening (CO2-uitstoot, energiesoort van het gebouw, benchmark tussen gelijkaardige verbruikers en vergelijk van verbruik op basis van de graaddagen).
  • 01 januari 2027: alle bestaande meters moeten worden vervangen + maandelijkse inzage in het verbruik.

Wegnemen of afbreken van radiatoren… wat met de verdampingsmeters?

In de jaren 60 en 70 werd in de meeste appartementsgebouwen een overtal aan radiatoren met heel hoge vermogens geplaatst. Nu investeren eigenaars in dubbel glas, dakisolatie en vaak ook in gevelisolatie. Daarom zijn nu meer en meer radiatoren overbodig en worden ze weggehaald of vervangen door een exemplaar met een lager vermogen.

Klassieke verdampingsmetertjes registreerden ook verbruikspunten bij een ongebruikte radiator. Vaak werd dan afgesproken dat weggenomen radiatoren een forfaitair bedrag of een aantal punten aangerekend kregen.

Zo gaat u te werk:

  1. U brengt de meteropname-firma op de hoogte (hou uw gebouwreferentie- en pandnummer bij de hand, terug te vinden op de jaarafrekening.
  2. Op het metertje vindt u normaal gezien het serienummer terug. Dat geeft u door aan de meteropname-firma, samen met de datum van afbraak.
  3. Indien u een andere radiator wil plaatsen, maakt u onmiddellijk een afspraak om de nieuwe calorimeter op de nieuwe radiator te plaatsen (hou het merk en type van de nieuwe radiator bij de hand, zodat de juiste kenmerken van de nieuwe radiator in de calorimeter geprogrammeerd worden).
  4. Daarna kan u het metertje verwijderen, waarbij u de verzegeling verbreekt. Op dat moment krijgt het centrale opnamesysteem een melding. Het verbruik van de radiator blijft geregistreerd tot de zegel verbroken wordt, zodat fraude onmogelijk is. Het metertje moet gesorteerd worden bij afgedankte huishoudapparaten in het recyclagepark.
  5. Het is belangrijk om het nieuwe metertje onmiddellijk te plaatsen na installatie van de nieuwe radiator.